Archief van december 2008

Het Grote Meloenenavontuur & van Brisbane naar Noosa

maandag 29 december 2008

Hallo mensen uit Holland!

Omdat ik een tijdje meloenen heb geplukt schreef Kaz onze vorige blog. Inmiddels ben ik (voorlopig) weer klaar met werken, dus kan ik ook weer blogs schrijven.
Meloenen plukken was een aparte ervaring. We kwamen maandag rond vijf uur ’s avonds aan. Een half uurtje later kwamen de werkers terug van het plukken. Een aantal van hen waren ook Nederlands, en zo kregen we onze eerste horrorverhalen over twaalf uur werken en twee uur slapen te horen. Doodsbang gingen we om acht uur naar bed.

Iedereen wordt ’s ochtends wakkergemaakt door Pete. Om half vier of vier uur, afhankelijk van welk veld we eerst doen. Een is namelijk om de hoek, maar de andere is een half uur rijden. Pete bereed tot enkele weken geleden de tractor, maar omdat hij een zware alcoholist is mag hij dat nu niet meer doen. Hij mag nu nog mensen wakker maken, en de camping schoonhouden. Het spreekt vanzelf dat er bijna iedere dag te veel of te weinig mensen wakker gemaakt worden, en dat de camping nooit echt schoon is. Gewoon genoeg mensen wakker maken moet niet zo moeilijk zijn, zou je denken, maar blijkbaar valt dat tegen. Het gebeurde bijna dagelijks dat de bus niet kon vertrekken omdat er niet genoeg mensen inzaten. Of dat mensen die al aangekleed waren, hadden ontbeten, lunch hadden gemaakt, koffie hadden gedronken, zich ingesmeerd hadden met zonnebrand etc. etc. weer terug moesten naar bed omdat we maar 18 mensen nodig hadden en Pete zich had vergist in de vrije dagen. Dan ben je even voor niks om half vier je bed uitgekomen.
De tractor werd nu bereden door Casey. Casey was oorspronkelijk Nederlands, zijn echte naam was Kees, maar hij was in 1955 naar Australië verhuisd. Hij had zijn eigen tanden eruit getrokken zodat hij geen geld meer kwijt was aan de tandarts, en net als Pete verkeerde hij vaker wel dan niet in het gezelschap van een blikje Tooheys New of Jim Bean Coke. Casey was naar eigen zeggen stinkend rijk, vier keer getrouwd geweest, en de vroegere gitarist van ABBA. Het werk deed hij ook niet voor het geld, dat had hij immers niet nodig, maar als vriendendienst voor Steve.

Als je dan gewoon op tijd wakker was gemaakt en op de bus mocht blijven, stond je meestal rond half vijf op het veld. Als we op het verre veld werkten ging er een rit van een half uur aan vooraf in de meest gammele, smerige bus die ik ooit gezien heb. In deze bus heb ik wel voor het eerst kangoeroes in het wild gezien.

Het werk zelf was behoorlijk saai. Er rijdt een grote tractor over het veld, met aan beide kanten twee lopende banden. Jij als meloenenplukker loopt achter een van de lopende banden. Alle rijpe meloenen die je op je pad tegenkomt leg je er op. En dat de hele dag. Op drukke dagen is het hard werken en ben je kapot aan het eind van de dag. Op rustige dagen heb je veel te veel tijd om met je buurman te praten over allerlei onzin, of om zelf na te denken over allerlei onzin. (Zal er ooit een werkende internetverbinding zijn op Mars??? Als archeologen over 100.000 jaar de ruines van onze beschaving opgraven, denken ze dan dat Shell, McDonalds en Woolworths onze Goden zijn omdat er overal tempels staan??? Als mensen het wiel niet hadden uitgevonden, waren ze dan wel op het idee van een voetbal gekomen???).

In het veld zijn we een aantal beesten tegengekomen die je liever niet tegenkomt: meerdere malen Redback Spiders, een blackbelly red adder (ofzo), en zelfs een King Brown. King Brown is de giftigste slang van Australië, en de op een na giftigste van de wereld. Als King Brown je bijt ben je binnen twintig minuten dood. Dat betekent dat er niet genoeg tijd is om je naar het ziekenhuis te brengen. Danny, een Italiaanse jongen, zag op zijn laatste dag een King Brown naast zijn voet liggen. Hij schrok zich natuurlijk dood. Dallas, een van de opzichters jaagde de slang toen weg door met meloenen te gooien. Iedereen zat Danny er daarna een beetje mee te plagen, maar hij vond het bepaald niet leuk. Hij zag lijkbleek. Volgens mij realiseerde hij zich prima dat zijn laatste dag meloenen plukken ook meteen zijn laatste dag op aarde had kunnen zijn.

Je staat om half vier op, er waren giftige beesten, en het werk is saai. Was het dan alleen maar kut? Nee. De mensen waren zonder uitzondering geweldig. Het was altijd gezellig na werk. Vooral op korte dagen. We hebben veel goede films kunnen kijken, en met een Canadees, Daniel, heb ik leuk kunnen jammen op de gitaar.

Ik sliep in een caravan met Mike. Mike is een Engelsman die 9 jaar in het leger heeft gezeten. Hij is op alle contintenten geweest, behalve Antarctica. Hij is van plan later in het jaar expeditie naar Antarctica te boeken. Gewoon met de boot er naar toe, tien minuten aan land, en dan weer weg. Dan kan hij zeggen dat hij op alle contintenten is geweest.
De dagen gingen voorbij tot 24 december, toen we eindelijk met de bus terug naar Brisbane mochten. Bijna iedereen ging die dag weg. Er heerste een algemeen gevoel van euforie in het kamp. ’s Ochtends moesten we nog even vier uurtjes werken, maar toen was het echt gedaan. Rond half 9 waren we klaar. Rond die tijd begon men ook met feest vieren en bier drinken. Dat hield eigenlijk de hele dag niet meer op. De hele busreis was een grote chaos. Ik heb achteraf best een beetje medelijden met de chauffeur. Toen we om acht uur ’s avonds eindelijk aankwamen in Brisbane checkte bijna iedereen in in hetzelfde hostel, en ging het feest gewoon door. Ik weet niet meer tot hoe laat het precies geduurd heeft, maar dat is misschien maar beter ook.

Hoewel ik bepaald niet uit eigen vrije wil meloenen ben gaan plukken, heb ik geen spijt dat ik het gedaan heb. Ik ben een hele ervaring rijker. Niemand kan ooit meer tegen me zeggen dat ik niet weet wat hard werken is. Ik heb me twee weken lang uitgesloofd omdat ik wist dat ik geen andere keus had. Dat ik zwaar in de shit zat als ik mijn werk niet goed genoeg deed, en Steve zou besluiten dat hij het zonder mij ook wel zou redden. Daarnaast heb ik veel mensen ontmoet. Ook altijd leuk. En toch vind ik het niet zo erg dat het afgelopen is.

Zo, dat waren Thomas’ belevenissen, maar ik heb in de weken dat hij gewerkt heeft natuurlijk niet stilgezeten (eigenlijk wel vooral maar ach). Dus mocht je al moe zijn van het lezen, helaas, hier nog een lap tekst:

De afgelopen weken (sinds mijn vorige blog) heb ik vooral niks gedaan in Brisbane. Ik heb wel alle bezienswaardigheden even bekeken natuurlijk, maar verder was het een beetje op het strand liggen en wat internetten in de bibliotheek.

In het hostel waar ik in het begin zat, ben ik een paar dagen gebleven, waarna ik weer naar de camping (Newmarket Gardens Caravan Park) ben vertrokken. Daar kreeg ik een korting van 10 dollar per nacht, op voorwaarde dat ik de kampeerplaatsen en de barbecueplek vrij zou houden van afval. Zo’n 2 minuten werk per dag, hoogstens. En omdat er ook regelmatig personeel van de camping rondliep om wat schoon te maken lag er eigenlijk bijna nooit afval. Maar, wel mooi 10 dollar per dag uitgespaard.

Toen ik aankwam op de camping werd mij aangeraden naar een kerstbomenverkoper verderop in de straat te lopen, want hij had vaak nog wel mensen nodig zo vlak voor de kerst. Omdat ik toch niet zoveel te doen had, leek het me wel leuk wat te werken dus ik ben er dezelfde dag meteen nog heengegaan. En, Matt kon inderdaad nog wat hulp gebruiken.

Donderdag (18-12) om 6 uur de tent uit (wat niet zo’n probleem was, omdat ik elke dag wel rond die tijd wakker werd doordat de zon dan op de tent scheen waardoor de tent een soort broeikas was) en 10 minuutjes lopen richting ‘Real Christmas Trees‘. Hier stond al een vrachtwagen vol kerstbomen klaar (zo’n 250 denk ik). Deze moesten eerst uitgeladen worden. Vervolgens moest er een stuk van de onderkant afgezaagd worden en moesten we de kerstbomen meten en op de goede plek neerzetten (extra small, small, medium, large, extra large). We waren met ongeveer 7 mensen, waarvan de meesten locals waren die dit als vakantiewerk deden. Erg leuk om ook eens niet alleenmaar backpackers te praten! Het werk was erg zwaar (vooral ook door de temperatuur van 35 graden. Heel gek, kerstbomen als het zo heet is), maar ook heel leuk. Matt, de ‘baas’, was echt een chille gast. Je mocht pauze houden wanneer je zin had en je mocht ook je werktempo zelf bepalen.

Na ongeveer 4 uur waren we klaar met de kerstbomen uitladen en sorteren, en moest er nog wat opgeruimd worden. Uiteindelijk heb ik 5 uur gewerkt, voor 20 dollar per uur. Ik had het werk graag nog een keer gedaan, maar helaas was dit de laatste aanvoer.

Vorige week vrijdag (19-12) kwam Quinten ook aan in Brisbane. Hij zou eigenlijk met ons meerijden vanaf Byron Bay, maar omdat wij daar zo snel wegmoesten ging dat helaas niet door. Quinten zat in een hostel (Banana Benders), en daar ben ik vrijdagavond heengegaan. Eerst hebben we wat bijgepraat (met een pak goon erbij uiteraard), en toen kwamen er nog wat andere Nederlanders met wie we die avond uitgegaan zijn (zie foto’s). Het was echt heel leuk weer eens uit te gaan, want dat was een hele tijd geleden. Sowieso was ik nog niet uitgeweest in Brisbane, omdat dat een beetje lam is in je eentje. Op de camping zaten wel wat andere gezellige mensen, maar dat waren vooral stelletjes, die erg saai om 22u gingen slapen elke avond.
Na het uitgaan hebben Quinten en ik wonder boven wonder de weg richting het hostel (en ik de camping) gevonden. De route die we liepen kenden we totaal niet dus we hadden echt mazzel dat we toevallig de goede kant opliepen.

Zaterdag was ik brak en heb ik niet zo heel veel gedaan. De brakheid kwam voornamelijk door slaapgebrek. Toen ik terugkwam van het uitgaan was het namelijk al licht, en zodra de zon op de tent staat word ik wakker. Na ‘n uurtje slaap was dat.

Maandag (22-12) hadden Quinten en ik afgesproken een uitgebreide Brisbane sight-seeing te doen. In de Lonely Planet stond een route die ons wel leuk leek, dus die hebben we gevolgd.

Eigenlijk waren er niet heel veel bezienswaardigheden, maar we hebben zo’n 2,5 uur op de CityCat doorgebracht. In de zon, zonder zonnebrand, dus wel wat verband. Maar, het was wel een van de meest actieve dagen in Brisbane tot nu toe, en dat was ook wel weer een keer fijn.

In Banana Benders zaten veel leuke mensen, waarmee we (5 Nederlanders: Frank, Kevin, Pim, Quinten en Bart, 1 Est: André) afgesproken hadden op kerstavond naar Stradbroke Island (een eiland aan de kust) te gaan, daar te bbq’en en op het strand te slapen.
Eenmaal in de trein richting Cleveland (vanwaar we met een boot richting het eiland gingen) kwamen we erachter dat er flink wat onweer op komst zou zijn. Erg fijne timing. De afgelopen dagen was het bloedheet, geen wolkje aan de lucht, en net als we iets gepland hebben slaat het weer om. Maar, we bleven optimistisch en zijn vol goede moed het eiland opgegaan.

Eenmaal op het eiland moesten we nog een stukje met de bus. Zodra we uit de bus stapten merkten we al dat het behoorlijk waaide. Na een tijdje zagen we overal om ons heen zwarte wolken en bliksem. Op het eiland was het droog, maar we verwachtten dat het niet lang meer zou duren voordat de bui over ons heenkwam.
Gelukkig bleef het in elk geval droog tijdens het bbq’en met onze geïmproviseerde barbecue. Daarna gingen we het strand op, en eenmaal daar begon het te regenen. We zijn gaan schuilen bij een grote rots, maar werden alsnog nat. En lekgestoken door sandflies. Toen het een beetje droog werd zijn we zo snel mogelijk teruggegaan naar de plek waar we gebbq’d hadden, en zijn we voor het toiletgebouw gaan zitten. Ook hier werden we na een tijdje nat dus zijn we ín het toiletgebouw gaan zitten. Natuurlijk bij de dames, want daar is het tenminste schoon (in elk geval, schoner). Een beetje een gekke plek om kerstavond te vieren, maar daardoor ook wel tof.
Na een tijdje (en wat glazen goon) kwamen er bewakers die ons wegstuurden omdat ze het gebouw moesten afsluiten. Maar, ze wisten wel een ander toilergebouw waar we konden zitten, dus zijn we daarheen verhuisd. Hier hebben we nog een tijdje gezeten, en daarna zijn we op een grasveldje (het plan was het strand, maar dat bleek toch zeer a-relaxed) gaan slapen. Ik ben als een blok in slaap gevallen en werd de volgende ochtend met een enorme kater wakker. Gelukkig hebben we ’s nachts geen regen gehad.

We hadden bedacht om donderdag nog de hele dag op het eiland te blijven om te zwemmen en te chillen, maar, we hadden geen eten (al het brood hadden we al op) en iedereen was brak als een malle. We hebben daarom zo snel mogelijk de boot terug naar Cleveland genomen, en vervolgens de trein naar Brisbane.
Het was sowieso de meest vreemde kerstavond die ik ooit meegemaakt heb, maar het was wel echt heel erg gezellig, en een kerstavond die ik nooit zal vergeten.

Eenmaal terug op de camping zat Thomas daar al braaf te wachten. We hebben eerst flink wat bijgepraat (alhoewel ik geen reet heb gedaan de afgelopen weken valt er toch wel veel te vertellen. En, Thomas had wel behoorlijk wat meegemaakt) en zijn daarna richting Banana Benders gelopen, want we zouden weer met z’n allen gaan eten, uiteraard weer een barbecue.
Ook dit was erg gezellig en lekker (hmm, hamburgers), ondanks dat het wat ging regenen. Na het eten zijn Thomas en ik richting zijn hostel gegaan, want we konden Banana Benders niet in (no visitors allowed helaas). Bij Base mocht ik eigenlijk ook niet naar binnen, maar aangezien daar zoveel mensen zitten weten ze toch niet wie wel en wie niet in het hostel zit.

Die avond hebben we eigenlijk niet zo heel veel meer gedaan. We wilden wel uit (net als iedereen in het hostel volgens mij), maar dat kon niet omdat alles dicht was. Daardoor liep iedereen een beetje door het hostel van ‘tja, er is niks te doen’. Uiteindelijk hebben we op het balkon wat gedronken met nog wat andere lui, en zijn we daarna een film gaan kijken. Toen het half 4 was vond ik het een goed idee naar de camping te gaan (nog 5km lopen, bluh) en tegen de tijd dat ik daar aankwam was het licht.
Na een uur slaap opgestaan, gedoucht, ontbeten en de tent afgebroken.

Want, we zijn vrijdag samen met Quinten vertrokken naar Noosa (zo’n 130 km ten noorden van Brisbane).
Tweede Kerstdag is hier Boxing Day, waarop de meeste winkels gelukkig weer open zijn. Omdat Thomas en ik allebei nog post verwachtten in Brisbane, ben ik ’s ochtends meteen naar het postkantoor gegaan, maar dat bleek - als enige - wel dicht. Voor mij niet zo’n probleem want ik verwacht geen belangrijke post, maar Thomas moet zijn Tax File Number nog ophalen. Dit nummer moet hij doorgeven aan zijn ex-werk, anders kan hij het ingehouden bedrag (en ze houden best veel in) niet terugvragen. Maar, we hebben besloten morgen weer terug naar Brisbane te gaan om daar Oud en Nieuw te vieren, dus dat is niet zo’n probleem.

Ik heb inmiddels ook alweer (bijna) een inkomstenbron: ik ben weer wat begonnen met webdesign. In bibliotheken is gratis internet, en op mijn laptopje valt prima te werken. In Brisbane zit een Dutch school die ik benaderd heb. Ze hebben namelijk wel een website, maar die stelt niet zoveel voor. Daarom heb ik aangeboden een nieuwe website voor ze te ontwerpen, en daar reageerden ze enthousiast op. Ze nemen binnenkort (over een week of 2) contact met me op en dan kan ik aan de slag.

Inmiddels zitten we dan in Noosa. We hadden gehoord dat het er best leuk zou zijn, maar er is eigenlijk niet zoveel te doen behalve winkels kijken en op het strand liggen. Uitgaan is ook niet geweldig hier omdat alles om 12 uur ’s nachts dicht is. Wat ook wel nodig is, want er liggen dan al kotsende mensen op straat.
We zijn al wel weer een paar keer naar de bioscoop geweest. The Curious Case of Benjamin Button, Bedtime Stories en The Day the Earth Stood Still. De laatste hebben we gratis gezien omdat die na Bedtime Stories kwam, en we gewoon opnieuw de zaal in konden lopen zonder dat ze iets controleerden.
Ook slapen we nu goedkoop in een hostel. Alle campings zaten vol, dus we gingen sowieso naar een hostel. Maar, de kamer waar we liggen blijkt - op Piet na - leeg te zijn, en ze controleren niet. Dus, nu is alleen Quinten ingecheckt en delen we de $27 gewoon door 3 waardoor we voor $9 per nacht een fijn bed hebben.
Omdat we het in Noosa wel gezien hebben, en het ons niet geweldig lijkt om hier Oud en Nieuw te vieren, gaan we dat doen in Brisbane. Op South Bank schijnt het erg leuk te zijn, dus we vieren het waarschijnlijk daar.

We zullen jullie na dit lange verhaal weer even wat rust geven, dus alvast een gelukkig Nieuwjaar!

Thomas en Kaz

Oja, weer wat foto’s! Helaas niks van Chinchilla omdat een virus op een pc in een internetcafé het geheugenkaartje van Thomas gesloopt heeft :(

Brisbane: http://flickr.com/photos/kaz-thomas/sets/72157611806565452/
Uitgaan in Brisbane: http://flickr.com/photos/kaz-thomas/sets/72157611762641049/
Kerstavond op Stradbroke Island: http://flickr.com/photos/kaz-thomas/sets/72157611762391843/

Brisbane & Meloenen

zondag 14 december 2008

‘Hee nog een blog van Kaz?!’ Ik weet het, en ik zal mijn best doen de blog net zo tof te maken als dat Thomas dat zou doen. De reden dat Thomas deze blog niet schrijft, is dat hij hard aan het werk is. Maar, ik zal bij het begin beginnen.

Nadat we onze vorige blog hadden geplaatst, hadden we besloten toch maar iets langer in Byron Bay te blijven, omdat we toffe mensen hadden ontmoet en het er gewoon heel erg relaxed was. Omdat we het verblijf bij The Arts Factory moesten verlengen, gingen we eerst maar eens pinnen, en toen bleek dat Thomas nog maar 100 dollar uit de ATM kon halen. Blijkbaar was het geld dus iets sneller opgegaan dan verwacht, en was er nu nog 50 euro over.
Hierdoor konden we niet langer in Byron Bay blijven en zijn we donderdagochtend meteen vertrokken richting Brisbane (166 km ten noorden van Byron Bay), om werk te zoeken. Hier aangekomen hebben we onze tent op Newmarket Caravan Park - een camping 4km buiten het centrum, maar wel de dichtstbijzijnde - opgezet.

De volgende dag zijn we begonnen met het zoeken naar werk. Dat hield in dat we een halve dag door Brisbane hebben geslenterd en vervolgens naar een job agency gegaan zijn. Dit uitzendbureau was speciaal voor backpackers, en we hadden ook meteen werk: meloenen (rockmelons) plukken in Chinchilla. Het zou $16,50 per uur verdienen, en voor $140 per week hadden we accommodatie en eten. Dat klonk best goed (ondanks alle horrorverhalen over fruitplukken), dus dat hebben we maar gedaan.

Chinchilla - ook wel ‘The Melon Capital of Australia genoemd - ligt zo’n 300 km van Brisbane vandaan, en we konden dinsdag al beginnen. In het weekend hebben we nog wat rondgehuppeld door Brisbane, en hebben we nieuwe speakers in onze auto gezet. Wat ook echt wel nodig was. En we zijn (alweer) naar de bioscoop geweest. Ik heb inmiddels maar een ‘watch 10 movies get 1 free’-card aangeschaft.

Maandagochtend hebben we onze tent ingepakt en reden we vol goede moed naar Chinchilla. Toen we daar aankwamen, werden we richting het ‘kamp’ begeleid, waar we de komende weken zouden wonen. Dat kamp ligt 20 km buiten Chinchilla in de middle of nowhere. Zonder winkels. Zonder drinkwater. Op zich niks mis mee, want er was wel stroom en (sinds vorige week) internet. Douchen met water uit een vieze creek leek me dan wel wat minder fijn, maar ach, we zouden geld gaan verdienen.
Eenmaal op het kamp moesten we even wachten op onze collega’s die nog aan het plukken waren. Rond half 6 kwamen zij terug van het veld, en hebben we meteen kennisgemaakt met een paar Nederlanders die al 3 weken aan het plukken waren. Zij hebben ons ook een beetje rondgeleid en uitgelegd hoe alles in z’n werk gaat.
’s Avonds gingen we (iedereen in het kamp eigenlijk) rond half 9 naar bed, omdat we de volgende dag om 4 uur gewekt zouden worden.
Eenmaal gewekt, snel aangekleed, ontbijt gegeten, lunch gemaakt en in de bus gestapt, want het veld waar we dinsdag moesten plukken was nog zo’n 20 minuten rijden. De weg er naartoe was wel heel tof, want we hebben voor het eerst kangoeroes in het wild gezien! Wel vanuit een oude rotbus die met 100 over een zandweggetje vol gaten scheurde, maar toch :)

Het werk zelf is echt het saaiste werk dat ik ooit gedaan heb: de hele dag achter een tractor aanlopen, naar de grond kijkend tot je rijpe meloenen ziet, deze plukken en op een lopende band leggen. Het eerste halfuur was het nog wel een uitdaging om de goede meloenen te plukken maar daarna was het echt té geestdodend.
En dat zouden we dan de komende weken 12 uur per dag (oké, wel 1 dag per week vrij) moeten doen (Makro, ik mis je!). Dinsdag was wel een kort dagje (5,5 uur), want het tweede veld was te nat.
De volgende dag werden we weer om 4 uur gewekt, maar deze keer met de mededeling dat ‘the two Dutch guys’ vandaag een dag vrij hadden. Prima, kon ik me weer omdraaien en verder slapen. Thomas is uiteindelijk wel gaan werken omdat een collega zich niet goed voelde, en ik ben maar wat gaan internetten. Ik had al besloten dat ik geen zin had in dit soort werk, en aangezien ik nog genoeg geld had om het een tijdje uit te kunnen houden, was het ook niet eens nodig.

Gelukkig was ontslag nemen niet nodig want in de loop van de ochtend werd ik gebeld door de baas, dat ik onmiddellijk mijn spullen moest pakken en naar het veld moest komen om te werken. Toen ik zei dat ik even bezig was, en niet als slaaf behandeld wilde worden mocht ik - gelukkig - ophoepelen.
Omdat Thomas wel aan het werk was en ik nog wel even gedag wilde zeggen, heb ik me de hele dag vermaakt in Chinchilla. Er was een zwembad, en het was erg heet dus dat kwam mooi uit. ’s Avonds ben ik teruggereden naar het kamp, en heeft Thomas zijn spullen uit de wagen gehaald.
Vervolgens ben ik weer richting Brisbane gereden. Onderweg heb ik een nachtje in de auto geslapen (achterbank plat, genoeg ruimte) en donderdag was ik weer in Brisbane.

Thomas blijft als het goed is tot kerst in Chinchilla, en wordt dan in Brisbane afgezet. We blijven hier dus sowieso tot kerst, en ik denk ook wel tot nieuwjaar.
Qua accommodatie heeft Thomas het nu volgens mij beter dan ik. Ik slaap nu in een hostel, Brisbane Backpackers Resort, op een kamer waar de eerste nacht de airco vol in mijn gezicht blies, en de tweede nacht de airco niet meer werkte en er een dikke Duitser in mijn bed lag. Ze dacht dat dat bed vrij zou zijn. Erg fijn is dat. Gisterochtend was mijn kamer weer helemaal leeg, en ’s avonds kwamen er weer nieuwe mensen. Alleenmaar Duitsers. Net als in de rest van het hostel volgens mij. De Duitsers (7 meisjes en 1 jongen) op mijn kamer bleken heel aardig, en we zijn met z’n allen naar de bioscoop geweest. Daarna wilden we nog uit, maar blijkbaar gaat alles op zondag vroeg dicht (goh). Dus gingen we wat resten goon opdrinken op het balkon, totdat de bewaker kwam dat we moesten gaan slapen, helaas.

Verder vermaak ik me nu prima hier in Brisbane. Ik ben nog niet echt heel hard op zoek naar werk, want daar is het te warm voor. Gisteren heb ik een beetje door Brisbane gelopen, en wat geïnternet. Aan het einde van de dag ben ik nog twee meisjes tegengekomen, die we hebben leren kennen in Sydney (Gerjanne en Jennifer). Zij hadden hier nu een kantoorbaantje. Een beetje scannen en faxen. Zoiets lijkt me ook wel leuk eigenlijk. Vooral omdat het evenveel verdient als het meloenplukken.

Nu zit ik in de State Library of Queensland, waar het lekker koel is, en waar internet gratis en traag is. Tot nu toe vind ik Brisbane een leukere stad dan Sydney: het is hier allemaal wat relaxter en minder chaotisch. En als je de Brisbane River oversteekt, ben je ook echt meteen uit de drukte van de stad en kan je lekker in het park (South Bank) zitten, of op het strand (aangelegd) liggen.
In Brisbane zelf is echt alles in kerstsfeer. Overal kerstbomen, kerstmannen en kerstmuziek. Het blijft vreemd, ‘Jingle Bells’ horen als het 36 graden is. Verder zijn er heel veel leuke winkels.

Morgen ga ik denk ik wat toeristische dingen in de omgeving bezoeken, en daarna misschien rustig op zoek naar werk.
Ook verhuis ik morgen van het hostel weer naar de camping. We betaalden naar met z’n tweeën $28 per nacht, en in m’n eentje zou ik $26 moeten betalen. Dan ben ik dus ineens bijna 2x zoveel geld kwijt, en zou ik beter in dit hostel ($25) kunnen blijven zitten. Maar, ik heb de camping even gecontact en nu heb ik het zo geregeld dat ik de tent neer mag zetten voor $16 per nacht :D Wat daar tegenoverstaat weet ik nog niet :P

Ik zal binnenkort even informeren of Thomas daar een keer tijd heeft voor een blog, want ik ben zelf ook wel benieuwd hoe hij er na een week werken aan toe is.
Foto’s komen morgen. Of overmorgen. Want die staan op mijn camera, en die heb ik nu niet bij me.
Ik ben ook wel erg benieuwd hoe het in Nederland is (dat het koud is weet ik al) en wat er daar allemaal gebeurt, dus mocht je je vervelen, je kan me altijd mailen ;) (of Thomas, maar de kans dat hij binnen 2 weken iets beantwoord is vrij klein).

See ya!

Kaz